https://www.pensioenfondstrespa.nl/werknemers/uw-pension-in-t-kort/nabestaandenpensioen/_461____NL
 


Uw mening is gewenst

Graag willen wij weten wat we kunnen verbeteren aan onze website.

Heeft u 3 minuten de tijd?

Ja ik wil helpen  Nee, bedankt

Nabestaandenpensioen

Hoeveel pensioen ontvangen mijn partner en/of kinderen?

Uw pensioenregeling bevat ook een partnerpensioen en een wezenpensioen. Gezamenlijk wordt dit het nabestaandenpensioen genoemd.

Het partnerpensioen is een uitkering voor uw partner als u komt te overlijden. Het wezenpensioen is een uitkering voor uw kinderen als u overlijdt.

Wie komt in aanmerking voor partnerpensioen?

De volgende personen worden als partner beschouwd:
1) de persoon die gehuwd is met een (gewezen) deelnemer;
2) de persoon die een geregistreerd partnerschap is aangegaan met een (gewezen) deelnemer;
3) de ongehuwde persoon die geen bloed- of aanverwant in de rechte lijn van de (gewezen) deelnemer is, waarmee de (gewezen) deelnemer een gezamenlijk huishouding heeft gevoerd en nog voert en die bij het pensioenfonds schriftelijk is aangemeld. De gezamenlijke huishouding moet blijken uit een notarieel verleden samenleving.

Het huwelijk, geregistreerd partnerschap of de gezamenlijke huishouding moet aangegaan zijn voor het einde van het deelnemerschap.

Wat is de hoogte van het partnerpensioen?

Het partnerpensioen bedraagt 70% van het ouderdomspensioen dat u bereikt zou hebben als u tot uw 67ste gewerkt zou hebben. Als u na uw pensionering of uitdiensttreding overlijdt is het partnerpensioen 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Het partnerpensioen wordt aan uw partner uitgekeerd vanaf het moment van uw overlijden tot het overlijden van uw partner.

Wie komt in aanmerking voor wezenpensioen?

Het wezenpensioen wordt uitgekeerd aan kinderen tot de leeftijd van 21 jaar. Oudere kinderen die nog studeren of invalide zijn ontvangen, zolang zij studeren of invalide zijn, een uitkering tot de leeftijd van 27 jaar.

Hoe wordt het wezenpensioen berekend?

Het wezenpensioen bedraagt 14% van het ouderdomspensioen dat u bereikt zou hebben als u tot uw 67ste gewerkt zou hebben. Als u na uw pensionering of uitdiensttreding overlijdt is het wezenpensioen 14% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Voor wezen waarvan zowel de vader als de moeder zijn overleden en er wordt geen partnerpensioen meer uitgekeerd, wordt het percentage verdubbeld.